|
Hint
|
Answer
|
|
26
|
de wetenschappelijke revolutie
|
|
27
|
rationeel optimisme en ‘verlicht denken’ dat werd toegepast op alle terreinen van de samenleving: godsdienst, politiek, economie en sociale verhoudingen
|
|
28
|
voortbestaan van het ancien régime met pogingen om het vorstelijk bestuur op eigentijdse verlichte wijze vorm te geven (verlicht absolutisme)
|
|
29
|
uitbouw van de Europese overheersing, met name in de vorm van plantagekoloniën en de daarmee verbonden trans-atlantische slavenhandel, en de opkomst van het abolitionisme
|
|
30
|
de democratische revoluties in westerse landen met als gevolg discussies over grondwetten, grondrechten en staatsburgerschap
|
|
31
|
de industriële revolutie die in de westerse wereld de basis legde voor een industriële samenleving
|
|
32
|
discussies over de ‘sociale kwestie’
|
|
33
|
de moderne vorm van imperialisme die verband hield met de industrialisatie
|
|
34
|
de opkomst van emancipatiebewegingen
|
|
35
|
voortschrijdende democratisering, met deelname van steeds meer mannen en vrouwen aan het politieke proces
|
|
36
|
de opkomst van politiek-maatschappelijke stromingen: liberalisme, nationalisme, socialisme, confessionalisme en feminisme
|
|
37
|
de rol van moderne propaganda- en communicatiemiddelen en vormen van massaorganisatie
|
|
38
|
het in praktijk brengen van de totalitaire ideologieën communisme en fascisme/nationaalsocialisme
|
|
39
|
de crisis van het wereldkapitalisme
|
|
40
|
het voeren van twee wereldoorlogen
|
|
41
|
racisme en discriminatie die leidden tot genocide, in het bijzonder op de joden
|
|
42
|
de Duitse bezetting van Nederland
|
|
43
|
verwoestingen op niet eerder vertoonde schaal door massavernietigingswapens en de betrokkenheid van de burgerbevolking bij oorlogvoering
|
|
44
|
vormen van verzet tegen het West-Europese imperialisme
|
|
45
|
de verdeling van de wereld in twee ideologische blokken in de greep van een wapenwedloop en de daaruit voortvloeiende dreiging van een atoomoorlog
|
|
46
|
de dekolonisatie die een eind maakte aan de westerse hegemonie in de wereld
|
|
47
|
de eenwording van Europa
|
|
48
|
de toenemende westerse welvaart die vanaf de jaren zestig van de twintigste eeuw aanleiding gaf tot ingrijpende sociaal-culturele veranderingsprocessen
|
|
49
|
de ontwikkeling van pluriforme en multiculturele samenlevingen
|